Info & Advies

telefoniste

ma/di/do 10.00-16.30 uur
013 - 528 59 81

wo/vr  10.00-13.00 uur
073 - 657 65 30

Facebook

Volg Samuel Advies ook op Facebook!

like ons op facebook

Webwinkel

• Met uw bestelling ondersteunt u het werk van Samuel Advies!

Boeken Films & muziek Leeftijd Liturgie & Catechese Cadeaus Advent & Kerst 40-dagen & Paastijd Kaarten Voorjaar 2017 Advent 2017

Toon alle producten


Uitgebreid zoeken
Bekijk mandje
Uw mandje is momenteel leeg.
Home Advies Vieringen Gezinsviering

Gezinsviering

Praktische tips voor het vieren van de Heilige Eucharistie met kinderen
(J. M. de Bruin, pr.)

Vooraf

GezinsvieringHet „dogma van de begrijpelijkheid” is het enige dogma dat nooit door de kerk zal worden afgekondigd. Dit wijd verbreide „dogma” beweert, dat je in de liturgie, de moraal, de exegese en dergelijke, alleen maar dat mag doen, uitspreken, vastleggen, wat je ook onmiddellijk kunt begrijpen. Anders mag het niet worden gezegd of gedaan.

Met andere woorden: het is goed wanneer we ons ermee verzoenen, dat we niet alles kunnen verklaren. Want liturgie is viering van mysteries, geheimen die met God te maken hebben.

Het middelpunt van de liturgie is dan ook niet de mens of het mensenkind, maar het Mensgeworden Woord, Gods Zoon, Jezus Christus. Laten we het geheim van God niet proberen met geweld te ontrafelen, maar met eerbied te bewaren, zodat het in ons tot bloei kan komen.

Uitgangspunt

Voor alle missen met kinderen geldt als uitgangspunt: het altaarmissaal, de lezingenboeken (lectionaria) en het Directorium voor de eucharistie­vieringen met kinderen.

Het voorbereiden van vieringen met kinderen veronderstelt, dat we zelf voldoende inzicht hebben in de Liturgie van de Heilige Eucharistie. Dat zal van ons de bereidheid vragen ons hierin te verdiepen.

Doel

Ons doel is: kinderen (jonge gelovigen) meehelpen in hun groei naar het meevieren van de liturgie van de Heilige Eucharistie. Dit doen we op de eerste plaats door zelf te laten blijken dat we mysteries als zodanig aanvaarden en in hun waarde willen laten. Waar we liturgische elementen wel inzichtelijk kunnen maken doen we dat ook. Het zal altijd stapsgewijs gaan; we kunnen in eucharistievieringen met kinderen ook catechetische momenten te baat nemen.

„Gezinsmissen” zijn geen verkindste grote-mensen-missen, noch kinderachtige missen, noch mini-operettes. Gezinsmissen zijn missen waarin kinderen de toegang tot het meevieren van de liturgie van de Kerk gemakkelijker gemaakt wordt.

Zingen

Het zingen van gebeden en liederen is een aloud gebruik in de liturgie van de Kerk. Het is van belang om onze onderlinge saamhorigheid te bewerken, en het versterkt het feestelijk karakter van de liturgische vieringen. Bovendien spreekt zingen ook het gevoel van de gelovigen aan, waardoor zij meer intens inhoudelijk deelnemer worden.

Naar plaats en inhoud onderscheiden we twee soorten:

  1. wisselend: thematisch, dus afhankelijk van de evangelietekst, en dus van de zondag of het feest, hier aangeduid als LIED
    • intrede
    • antwoordpsalm
    • evangelielied
    • offerandelied
    • na communie
    • slotlied / uittochtslied

  2. vast: liturgisch bepaald door de gezongen gebeden, hier aangeduid als: GEZANG
    • Heer, ontferm U
    • Eer aan God
    • Heilig, heilig, heilig
    • Onze Vader
    • Lam Gods


Hierbij volgt de tekst van het gezang liefst zo nauwkeurig mogelijk de tekst van het oorspronkelijk gebed.
(Vb. niet het Alleluia van Taizé na de prefatie op de plaats van het Heilig...)
(Wim Hakvoort heeft de vaste gezangen van de Eucharistieviering op voor kinderen gemakkelijk te zingen melodie getoonzet, bij Samuel te koop).

Rollen voor kinderen

Wat doen de kinderen in de liturgie, en hoe doen zij mee? In principe kunnen gelovigen, dus ook kinderen, al die rollen vervullen, die in de liturgie van de eucharistie niet exclusief aan de priester zijn voorbehouden:

  • lezer (lector)
  • zanger (cantor): voorzangers en koorzangers
  • commentator
  • dienaren
  • processiedeelnemers
  • collectanten

Liturgie van de Eucharistie

Opening
Intrede
Kinderen kunnen deelnemen aan de intredeprocessie.
Zij dragen kaarsen, wierook, bloemen, evange­lie­boek, en misschien ook een „schriftrol” met tekeningen van episodes uit het evangelie mee; ze brengen deze naar de eigen plaatsen in de altaarruimte.
Lied Het intrede­lied wordt samen met alle aan­wezigen door het (kinder)koor gezon­gen.
Kruisteken en liturgische groet door de priester. Aansluitend kunnen kinderen een inleidend woord uitspreken, en het thema uit de verkondiging kort aanstippen.
Schuldbelijdenis Een kind kan de inleiding en uitnodiging tot de schuldbelijdenis uitspreken.

Schuld­belijdenissen be­staan in meerdere vor­men. Je ziet wel eens een „ver­kind­sing” van de gewone schuldbelijdenis, en die klinkt dan als: „God, ik heb spijt om­dat ik stout ben geweest.” Maar daarmee heb­ben we kin­deren niet ge­hol­pen thuis te raken in het ver­staan en gebruik van litur­gische taal.

Bijna nergens wordt gebruik gemaakt van de 2e vorm van schuld­belijdenis die het missaal kent:

Pr.: Heer, ontferm U over ons
A.: Wij hebben gezondigd.
Pr.: Toon ons, Heer, uw barmhartigheid
A.: En schenk ons uw heil.
Pr.: Moge de almachtige God...


(Uit: Altaarmissaal voor de Ned. Kerkprovincie na no. 3, blz. 601)

of:
Wijwater­besprenkeling
Overweeg (zeker in de Paastijd, en op zondag Doop van de Heer) om de priester de aan­wezi­gen met wij­water te la­ten besprenkelen; dit is een sterk uitdrukkingsmiddel, waarbij tevens goed zichtbaar wordt gemaakt dat wij door ons doop­sel Christenen geworden zijn.
Heer, ontferm U

Gezang

Zingen of bidden;
indien de 3e vorm van schuldbelijdenis is gebruikt, wordt het „Heer, ontferm U” niet nog eens gebeden.
(Pr.: Heer, die de rouwmoedigen troost, ontferm U over ons
A.: Heer, ontferm U over ons.)
Eer aan God

Gezang

Zingen of bidden; zie opmerking over liederen, die gezongen gebeden zijn...
(niet in Vastentijd en Advent)
Gebed
(Openingsgebed)
Zie de tekst in dit handboek; een commen­tator kan dit gebed ook inleiden en daarmee de inhoud verduidelijken.

Dienst van het Woord

Lezing 1 Op zondagen voorziet de kerk voor de liturgie een lezing uit het Oude Tes­ta­ment (van Pasen tot Pinksteren echter uit de Handelingen van de Apos­telen). Kinderen kunnen deze (al of niet in rollen verdeeld, of in alinea's) lezen.
Overweeg zorgvuldig, of je wel gebruik moet maken van de moge­lijkheid om deze te laten vervallen. Altijd is er een verband aan te wijzen met de overige lezingen. Op Kerstmis bij­voor­beeld spreekt de Profeet Jesaja over de Zoon die geschonken zal worden (Jes. 9); in het E­van­gelie zal gelezen worden dat deze Zoon ook daad­werkelijk geschonken is. Hier wordt de belofte van God uit­ge­spro­ken die eeuwen later inderdaad door God vervuld wordt!
Waarom zou men zijn toevlucht moeten nemen tot een niet-bijbelse lezing? Kan die ons soms méér zeggen dan het woord van God zelf?
Een kind kan een inleiding op de lezing uitspre­ken.
„Tussenzang”
beter:
Antwoor^­psalm.
Bidt eens een psalm in afwisseling met de kinderen, na de lezing! Een te spreken refrein kan toch in het tekstboekje? Ook hier is er weer een moge­lijkheid kinderen vertrouwd te maken met de gebeds­taal van de kerk.
Nog mooier is om een psalm in afwisseling met de kinderen te zingen!
Af­wis­seling kan ook zijn: tussen kin­deren en volwassenen!
Lied Als laatste mogelijkheid is voorzien om een lied te zingen.
Lezing 2 Uit een van de Brieven van de Apostelen, meest­al van de H. Paulus. Veelal laat men de tweede lezing weg uit over­wegingen van tijds­duur („Anders wordt het te lang”), zelfs in „gewone” missen, zeg maar: voor volwassenen... (Trouwens, wat maken die 2 minuten nu uit op een hele week van 164 uur?)
Ook hier geldt, dat een kind een inleiding op de lezing kan uitspreken, een ander de lezing zelf, al of niet in rollen of in alinea's verdeeld
Alleluia met Vers voor het Evangelie.
(Vastentijd: Alleluia ver­valt; het vers ech­ter blijft)
Ook wanneer er geen tweede lezing is heeft dit Alleluia met Vers zijn functie. Het is de korte voorbereiding op de boodschap van het evan­gelie; heel vaak helpt het ons gespitst te zijn op de kern van de Blijde Boodschap voor die dag.
Kinderen zingen „Alleluia”, de tekst van het vers wordt door een voorlezer gezegd (door een voor­zanger gezongen) en het „Alleluia” wordt door ieder herhaald.
Evangelie Is de tekst van het Evangelie te moeilijk? Of ligt het misschien aan mij persoonlijk dat ik de inhoud er niet van begrijp? Laat ik mij ver­lei­den om voor Onze Lieve Heer uit te maken wat Hij aan de mensen mag zeggen? Soms moet je inderdaad al te moeilijke woorden wat vereen­voudigen. Zie daarvoor het Evangelieboek voor kinderen.
Zou je het Evangelie in een toneelspel moeten verkondi­gen?
Het is goed wanneer kinderen (en volwassenen) ontdekken dat de liturgie wel­is­waar een aantal to­neelmatige elementen heeft, maar deze zijn in een eenvoudige vorm gestileerd: zo wordt de her­kenbaarheid ervan gegarandeerd.
Er zijn ook onderdelen, die bewust niet toneel­matig ge­speeld wor­den, omdat ze een eigen ver­kondigingskarakter en verkon­di­gings­kracht in zich dragen. Lezingen, evangelies, speel je in de liturgie zelf beter niet na: het is juist eigen, dat ze in de liturgie als ver­kondigde bood­schap, blijde boodschap, functio­neren. Hooguit leen je een ex­pres­­sie­middel bij de reeds bestaande li­tur­­gische gebruiken, die vaak al door de eeu­wen heen hun kracht en hun waar­de hebben bewezen. Zo kun je (naar het voorbeeld van de liturgie op Palmzondag en Goede Vrijdag) het evan­gelie met ver­deelde rollen lezen, waar­bij de diaken of pries­ter telkens de Jezus­rol leest, of­wel die rol, die Gods eigen woorden weer­geeft: in het kerst­evan­gelie dus de woorden van de engel!
Kinderen kunnen een getekende „schriftrol” ont­rollen, zodat de verschillen­de scènes uit het evangelie zichtbaar worden.
Bestaat toch de wens toneel te laten spelen, doe dit dan aan het begin, zodra de mensen zijn samengekomen bij wijze van inleiding op de li­tur­gische viering.
In de avondmis van Witte Donderdag is de ritus van de voetwassing voorzien, in aan­sluiting op de lezing van het evangelie. Vraag 12 kinderen om „apostel” te zijn om hun voeten door de priester te laten wassen. Hier is dan ook geen sprake van toneel, maar van liturgie.
Het evangelielied

Lied

Na de lezing van het evangelie zingen voordat de preek begint.
Zo'n lied herhaalt als het ware met andere woor­den de verkondiging van het evangelie, en versterkt deze daarmee.
Preek Als de priester (bijvoorbeeld door ziekte of ouderdom) niet in staat is een preek voor kinderen te houden, mag in dit geval ook een andere christen­gelovige „preken”.
Kan een preek niet in dialoog-vorm, een ge­sprek tussen priester en kinderen en hun ou­ders?
Waarom zouden ouders buiten schot blijven; we spreken toch vaak van een „gezins”-mis, en daar horen ouders toch wezen­lijk bij?
Geloofsbelijdenis De geloofsbelijdenis vindt men in veel parochies „te moeilijk”
Ofwel:
Geloofsbelijdenis voorbereiden door wekelijks in de kinderwoorddienst één van de twaalf artikelen van het geloof te bidden, zodat je na twaalf weken het geheel onder ogen hebt gehad, en dan weer overnieuw beginnen. In een gezinsmis kun je het geheel dan laten bidden en de kinderen herkennen het ook.
Ofwel:
de geloofsbelijdenis naar de formule bij de viering van het sacrament van het doopsel of het sacrament van het Vormsel, in vraag- en antwoordvorm:
Pr.: Gelooft u allen in God, de almachtige Vader, Schepper van hemel en aarde?
A.: Ik geloof.
Pr.: Gelooft u in Jezus Christus, zijn eengeboren Zoon, onze Heer, die ge­boren is uit de maagd Maria, die geleden heeft, gestorven en be­graven is, die uit de dood is opgestaan en zit aan Gods rechter­hand?
A.: Ik geloof.
Pr.: Gelooft u in de heilige Geest, de heilige katholieke kerk, de ge­meen­schap van de heiligen, de vergeving van de zonden, de ver­rij­zenis van het lichaam en het eeuwig leven?
A.: Ik geloof.
Pr.: Dit is ons geloof, dit is het geloof van de kerk, dat wij met over­tui­ging belijden in Jezus Christus onze Heer.
A.: Amen.


(Uit: Het doopsel van kinderen, no.95, p.75)

Voorbede Maak korte en krach­tige voorbede-intenties; dan kunnen veel kinderen deel­nemen. Laat degene die de bede spreekt een lichtje vast­houden.

Dienst van de Eucharistie

Gavenbereiding
en collecte.

Lied

Kinderen kunnen vanuit de kerk de gaven, kaarsen, bloemen, missaal in een processie naar het altaar brengen. Eventueel ook andere gaven, zoals speelgoed ten behoeve van een kindertehuis, enz.
Laat een kind de oproep tot de collecte (ook liturgie!) doen, kinderen kunnen zelf ook col­lecteren! (Elke pastoor weet, dat een collecte door kinderen gehouden een hogere opbrengst heeft dan normaal...)
Gebed over de gaven. Voor wat betreft de tekst zie dit handboek.
Eucharistisch gebed = prefatie + „Heilig” + hooggebed

Gezang

De inleidende dialoog op de prefatie wordt in afwisseling met de priester ge­zongen (gezegd). De kerkelijke hoogfeesten hebben een eigen prefatie (zie Altaarmissaal).
Het „Heilig” wordt door iedere aanwezige gezamenlijk gezongen (ge­zegd), het is de acclamatie op de prefatie, die het eigenlijke hooggebed voor­bereidt.
Het is eigen aan een Euch­aristisch gebed dat het door de priester in naam van de verzamelde geloofs­gemeenschap tot God gericht wordt uit­gespro­ken. De acclamatie na de consecratie wordt door alle aanwezigen gezongen (gezegd).

Eucharistische gebeden voor kinderen?
Er zijn voors en tegens van Eucharistische gebeden voor kinderen. Velen zien de accla­ma­ties als een voordeel; in de praktijk blijkt, dat het nogal wat oefening en gewenning vraagt voordat ieder die ook op het bedoelde moment hardop mee uitspreekt.
Tegen: wat is het opvoed­kundig effect van Eucharistische gebeden voor kinderen, die zij de àndere keren dat zij naar de kerk komen juist niet horen gebruiken? Leren we kinderen wellicht inconsequent liturgisch gedrag aan?
Het tweede (gewone) Eucharistisch gebed is kort en blijkt in de praktijk goed te volgen.
Kinderen kunnen eventueel met een kaars rond de priester en het altaar staan bij het Eucha­ristisch gebed, zodat de heiligheid van het moment en de consecratie zicht­baar wordt gemaakt; bovendien bewerkt dit een grotere eerbied bij de aan­wezigen (com­mentaar zonder woorden).

Het Gebed des Heren met bijbehorende gebe­den. Het „Onze Vader” is ons door Jezus zo geleerd. Er bestaan wat kleine ver­schillen in de teksten die de Evangelies ons hiervan geven. Daarom heeft de Kerk het voor de liturgie in een eensluidende vorm gegeven, met de nadrukkelijke bedoeling dat iedereen het gezamenlijk zingt (zegt). Het Gebed de Heren verliest aan kracht wan­­neer we het in allerlei poëtische en/of muzikale bewerkingen gaan toe­passen. Boven­dien schaadt zo'n bewerking de herkenbaar­heid ter wille van de kin­deren. Wat is er op tegen om ook aan kinderen dit gebed in het latijn te leren?
Het „Verlos ons Heer, ...” wordt in de Liturgie van de Eucharistie altijd in aan­sluiting op het „Onze Vader” gebeden, en afgesloten met de doxologie „Want van U is het koninkrijk ...”
Vredewens Kinderen kunnen de vredewens in de kerk doorgeven.
Lam Gods

Gezang

Deze acclamatie, die het breken van de Ge­con­sa­creerde Hostie(s) begeleidt, en zo onder meer een voorbereiding is op het ontvangen van de Heilige Communie wordt door iedereen gezamenlijk gezongen (gezegd).
Communie

Lied

Laat een kind met een kaars (flambouw) mee­gaan de priester en met ieder ander die is aan­gewezen om in de Eucharistie­viering de H.Com­mu­nie uit te reiken. Bij kinderen die nog geen „Eerste Communie hebben gedaan”, wordt met de duim een kruisje op hun voorhoofd gemaakt.
Gebed na de communie Voor wat betreft de tekst zie dit handboek.
Slot
Mededelingen, e.d..
Een kind kan voor de zegen een samenvattende gedachte of gedichtje tot slot uitspreken. En waarom zou een kind geen passende mededelingen kunnen doen?
Zegen en uittocht.
Lied
Kinderen gaan in processie mee het kerkgebouw uit. Het (kinder)koor zingt een passend lied.

Commentaar bij de Eucharistie

Als voorbeeld volgt hier het commentaar zoals dit is gebruikt bij de feestelijke Eucharistie bij het Kinderfeest toen Samuel zijn 10 jarig bestaan vierde.
Omdat het toen niet om een zondagsmis ging, is in dit voorbeeld geen commentaar opgenomen met betrekking tot „Eer aan God”, Lezing 2 en de Geloofsbelijdenis; deze onderdelen zijn op weekdagen niet in de liturgie voorzien (tenzij een (hoog)feest op een weekdag wordt gevierd).
Het commentaar werd telkens door een kind uitgesproken.
Schuldbelijdenis We gaan de heilige Mis vieren.
We luisteren naar het woord van God
en we vieren de maaltijd van de Heer
aan het altaar.
Om dat alles goed te kunnen doen
zeggen we eerst dat we schuld hebben
en vragen we om vergeving
aan God en aan elkaar.
Openingsgebed Namens ons allemaal
spreekt de priester het gebed uit.
Lezing 1 We luisteren nu naar de lezing.
(Geef in één korte zin de inhoud van de lezing weer)
Antwoordpsalm Als antwoord op de lezing
zingen we uit psalm 150.
Evangelie De diaken leest het evangelie.
(Geef in één korte zin de inhoud van het evangelie weer)
Gavenbereiding Een groep kinderen
brengt brood en wijn naar het altaar.
Hierbij zingen we samen het lied...
Gebed over de gaven Namens ons allemaal bidt de priester,
dat onze gaven ons meehelpen op onze weg naar de hemel.
Prefatie en
Eucharistisch Gebed
De priesters bidden het Grote Dankgebed.
We prijzen God en danken Hem
voor alle goede dingen
die Hij ons blijft geven.
We blijven eerbiedig stil
en bidden in ons hart mee.
Gebed na de communie Namens ons allemaal bidt de priester
dat wij door deze heilige Mis
meer van God
en meer van elkaar gaan houden.